In gesprek met Colin Rösler


	

De 19-jarige mandekker die geboren is in Berlijn, maar voor jeugdelftallen van Noorwegen en Engeland speelde vertelt over zijn jeugd, zijn tijd bij Manchester City en over zijn indrukken bij NAC.

Uwe Rösler, de vader van Colin Rösler was ook een professionele voetballer. Mede hierdoor is de verdediger geboren in Duitsland. “Ik ben in Berlijn geboren, als familie gingen we mijn vader altijd achterna waar hij voetbalde. Toen ik nog een baby was verhuisden we van Berlijn naar Engeland, daarna weer naar Duitsland en op mijn tweede naar Noorwegen. Daar heb ik tot mijn tiende gewoond. Ik heb het daar altijd erg naar mijn zin gehad en heb altijd veel vrienden gehad daar, waardoor ik ben begonnen met voetbal. Bij het land Noorwegen heb ik een heel fijn gevoel. Het voelt eigenlijk alsof ik daar vandaan kom, terwijl dat niet zo is. Ik heb daarom ook de keuze gemaakt om voor de jeugdelftallen van Noorwegen te gaan spelen, daar ben ik erg trots op.”

In zijn jeugd was Rösler alleen maar bezig met sport. Mede daardoor is hij op zijn zevende jaar gescout voor de jeugdopleiding van Viking FK, een ploeg die al jaren aan de top van Noorwegen speelt. “Het was daar veel trainen. Ik vond het op dat moment eigenlijk veel leuker om met mijn vrienden op het veld te staan en te genieten.”

Voetbal was niet de enige sport waarin hij geïnteresseerd was. “Ik vind ook vele andere sporten leuk, golf bijvoorbeeld. Toen ik jong was heb ik ook veel gezwommen, maar in Noorwegen heb ik natuurlijk ook vaak op de piste gestaan. Voetbal was uiteindelijk wel de sport waarin ik het beste wilde worden. Toen ik in de jeugdopleiding mocht komen spelen geloofde ik er nog niet echt in dat ik profvoetballer ging worden. Ik heb daar nooit echt specifiek over nagedacht. Hoe meer succes ik had, hoe meer ik er in ging geloven. Ik heb nooit op een punt gestaan dat ik dacht: Ja, nu ga ik echt een profvoetballer worden, dat heb ik nooit gehad.”

Toen Rösler tien jaar oud was verhuisde hij met de hele familie naar Manchester. “Mijn ouders wilden terug naar Manchester, ze hadden daar een hele leuke tijd gehad toen mijn vader bij Manchester City speelde. Op mijn tiende jaar ben ik toegelaten bij de jeugdopleiding van ‘The Blues’, dit was echt een droom die uit kwam. Heel mijn familie was fan van City. Het was een hele eer om voor die club te mogen uitkomen. Vanaf mijn tiende tot negentiende jaar heb ik daar rondgelopen. Ik heb alleen nooit voor het eerste team gespeeld, maar dat maakt het niet minder mooi. Ik heb zelfs nog best veel contact met de mensen van daar. Ze hebben mij daar zien opgroeien van een klein kind naar een volwassen persoon. In mijn laatste twee jaar bij City mocht ik veel met het eerste team meetrainen. Voor een jonge speler is dat echt geweldig. Door het trainen met de beste trainers en spelers van de wereld leer je zo ontzettend veel. Op die momenten probeer je zo veel mogelijk ervaring op te doen. Met Vincent Kompany heb ik veel over het spelletje gesproken. Hij was in mijn ogen een van de beste verdedigers van de Premier League. Hij heeft mij ook veel geholpen, toen we samen trainden heb ik hem veel vragen gesteld en goed op hem gelet hoe hij situaties aanpakt. Hij is echt iemand die de jonge spelers opvangt en graag wilt helpen in hun ontwikkeling.”

In de zomer van 2018 speelde Colin Rösler met Manchester City U23 een vriendschappelijke wedstrijd tegen NAC. Op dat moment kreeg hij al een goed beeld van de club. “Ik wist wel al dat NAC een grote club was in Nederland. De laatste oefenwedstrijd in de voorbereiding speelden wij in het Rat Verlegh stadion, het was echt een prachtige ervaring voor ons. In een vol stadion spelen met zoveel publiek, dat was fantastisch. Na de wedstrijd heb ik met een aantal mensen gesproken over NAC die door City waren uitgeleend. Zij spraken alleen maar positief over Breda en de club.”

Het spelen in een eerste elftal is voor de verdediger heel erg belangrijk. “Het is voor mij beter om in een eerste elftal te spelen. Het spelen van jeugdvoetbal is goed, maar tot een bepaalde leeftijd denk ik. Wanneer je denkt er klaar voor te zijn moet je die stap gewoon maken en dat heb ik gedaan. Het is voor mij gewoon beter, je leert weer andere dingen en je speelt tegen slimmere en sterker spelers. Elk weekend spelen voor de drie punten en de fanatieke aanhang werkt echt motiverend.”

In deze vreemde tijd met het COVID-19-virus traint de mandekker thuis. “Toen ik geblesseerd was en dichtbij was om terug met de groep mee te trainen begon het virus hier in Nederland op te spelen. Ik was al veel bezig op het veld en het ging de goede kant op. In welke fase van mijn blessure ik nu zit kan ik niet echt zeggen. Ik hoop gewoon dat we snel weer mogen trainen, dat ik met de groep kan gaan trainen en weer wedstrijden kan spelen.”

Voor aankomend seizoen wil Rösler echt laten zien wat hij in zijn mars heeft. “Voor mij is het gewoon belangrijk om fit te blijven, ik weet dat ik de kwaliteiten heb om het team te kunnen versterken. Ik kijk er vooral weer naar uit om op het veld te staan.”

Nieuwsbrief Blijf op de hoogte van het laatste nieuws en mis geen updates!